fbpx

De Mytische ultra-trail van Andorra… mijn eerste DNF

Het is alweer een tijdje terug en eigenlijk had ik het verslag een maand na de wedstrijd in juli 2014 al geschreven. Het is een verslag van een race waar ik veel voor getraind had, waar ik naar uit keek, en wat niet geworden is waar ik naar verlangde; namelijk de 112 km lange en 9.700 m D+ (en D-) zware ultra-trail Mitic van Andorra. Maar het laatste blog-verslag van Marek Vis (DNS DNF DSQ) kreeg ik de gedachte dat het misschien nuttig is om ook mijn Did-Not-Finish-verhaal te delen met andere trailrunners. Een DNF is niet iets waar je naar uitkijkt, maar als het je in een race niet meer verder kunt, dan moet je op kunnen geven. Het is een ervaring waar je rijker van wordt, zoals alle bewuste ervaringen.

Het heeft toch even geduurd voor ik zelf zo ver was om iets op papier te zetten omtrent mijn belevenissen tijdens de Mitic Ultra-Trail van 112 km; 9.700 m D+, door de bergen van Andorra, op 11 en 12 juli 2014. Dat het zwaar zou worden was bekend. In 2013 had ik mee gedaan aan de kortere 35 km trail, welke ik in iets meer dan 5 uren af had gelegd. Verder werd er vanaf het begin 2014 flink getraind met Rami, mijn trailmakker. Al met al had ik de laatste half jaar voor de race bijna 1.500 km bij elkaar gerend, met daarbij een hoogteverschil van meer dan 70.000 meter op en neer. In april 2014 werd ik nog 20ste bij de 100 km ultra-trail van Barcelona, waar we zo’n 4.500 m hoogteverschil moesten overbruggen. Genoeg reden om er van uit te gaan dat alles OK zat. Of misschien was alles wat té OK. De laatste weken voor de Mitic van Andorra had ik wel wat last van mijn knieeën gekregen, maar deze lichte pijn werd nooit erger bij de trainingen…maar toch, overbelasting? Verder was er door de warmte in juni en het bijna dwangmatige trainingschema iets van het plezier in rennen verdwenen. Desalniettemin…wilde ik goed eindigen, dan zou ik moeten trainen.

De Trails van Andorra (www.andorraultratrail.com/), welke betaan uit de marathon (3.000 m D+; nieuw dit jaar in opvolging van de 35 km loop), de Celestrail (83 km; 5.000 m D+), de Mitic (112 km; 9.700 m D+) en de Ronda del Cims (170 km; 13.000 m D+),worden rond begin juli georganiseerd, waneer het in een weekend volle maan is. In 2014 was dat tussen 11 en 13 juli. In totaal waren er ruim 2.000 deelnemers waarvan de Miticer zo’n 250 telde. Dit jaar zijn ze op 25 – 28 juni… en je kunt je nog inschrijven.

De start.
Vrijdagavond om 22:00 zouden we van start gaan, en om een beetje een rustige dag te hebben reed in de ochtend al richting Andorra. Hier kwam ik rond het middaguur aan kwam, waar ik Rami trof. Rugnummer ophalen, lunchen, middagdutje (wat niet lukte), en een klein rondje om dorpje Ordino om de tijd te verdoen. Na de Briefing was het ons duidelijk dat we uitstekend weer zouden hebben, en dat een aantal kledingstukken, zoals een lange waterdichte broek, niet in de rugzak mee gedragen hoeften te worden. Maar goed, dat was ook niet was het meeste in de weg zit. Uiteindelijk zijn het altijd de twee bidons met drinken die het meeste wegen. Verder zit in de rugzak een fluitje, hoofdlamp (plus reservebatterijen), handschoenen en muts (bij nacht komen we tot een hoogte van bijna 3.000 m op de Comapedrosa… waar het frisjes is), wind-waterdichte jas, gels en repen. Ondanks dat er om de 15 km een controlepost is met eten en drinken, is het bij je dragen en nuttigen van energie en vocht een must om je goed te blijven voelen… in ieder geval voor mij.

Foto: Juan, Rami, Barend en Roger voor de start van de Mitic-trail van Andorra…. alleen Rami zal hem voltooien.

Het wachten duurt lang…en ben dat niet gewend. Helemaal niet tegen de avond. Ik beging me een beetje suf te voelen en het is eigenlijk bijna mijn normale bedtijd. Maar goed, een half uurje voor de start begint het toch te kribbelen en neemt de spanning toe. We gaan het vak in voor de start. Muziek met trommels en vuurwerk…en dan is het aftellen, en we zijn onderweg.         Een lange stoet van renners raast door de straat van Ordino en de hoofdweg op richting Llorts (1.440 m hoogte). Deze eerste 4 km is eigenlijk het enige ‘vlakke’ gedeelte in de race, want vanaf Llorts gaan we meteen zo’n 1.100 meter steil omhoog. Het is al donker en de hoofdlampen geven een magische sfeer aan het geheel. Ieder pakt zijn ritme en een sliert van lichtjes siert het kronkelpad in de nacht. Op 1.800 m hoogte komen we langs de eerste sneeuwveldjes, maar het hindert niet. Al met al zullen we deze nacht meer sneeuwvelden moeten oversteken, welke zich bevinden rond de berg Comapedrosa (met 2.940 m de hoogte top van Andorra). Op deze hoogte gaan de handschoenen en wind-dichte jas aan en de muts op. Het is een vrij heldere hemel en de volle maan reflecteerd genoeg licht om het ruige berglandschap te kunnen waarnemen. Het is betoverend. De stijgingen en afdalingen gaan uitstekend; nergens last van en een hele hoop plezier. Rami en ik lopen nog steeds samen. Lopen, want tot nu toe hebben we alleen de afdalingen in een looppasje kunnen volbrengen, en zelfs dan moet er vaak gelopen worden door het vele puin dat we tegen komen en het oneffen terein.


Foto: De trails van Andorra gaan door het prachtige hooggebergte van dit land.

Als we in de buurt van Coll de Botella (30 km) komen, hebben we er zo’n 7 uren op zitten, waarbij we zo’n 2.500 m geklommen hebben en 1.700 m afgedaald. Het wordt weer licht en naar mijn mening is de route vanaf hier tot Bony de la Pica het beste stukje trail van de hele tocht…er kan gerend worden!!! De afdaling van 1.400 m tot Margineda (42 km) is technisch, maar niet zo zwaar als het ons was voorgesteld in de briefing, en we komen dan ook opgewekt in Margineda aan. Hier eten we pasta en soep voor ontbijt, en vervangen we onze termo-shirten voor lichtere T-shirten. Verder wordt de muts vervangen voor een pet tegen de zon. De rugtassen worden bijgevuld met repen en gels. Na een half uurtje gaan we weer op pad…omhoog.

De scheiding.
Vanaf Margineda (42 km) krijgen nu de klim waar we de meeste meters moeten overbruggen…1.500 m D+ tot de berghut Claror (50 km). Het klimmen gaat mij altijd goed af… terwijl Rami een beetje achter blijft. Af en toe wacht ik op hem, maar de afstand wordt steeds groter en we zien elkaar weer bij de berghut. Hier heb ik al gegeten en gedronken, en de flessen gevuld. Ik geef aan dat het wachten op hem geen probleem is voor mij, maar hij staat er op dat we ieder onze eigen wedstrijd lopen en niet op elkaar moeten wachten. Deze mening zit me een beetje dwars, omdat ik zin heb om bij elkaar te blijven om elkaar, als het nodig is, te kunnen helpen. We voelen ons allebij nog goed. Maar hij wil alleen verder. We hebben dit ieder mee gemaakt, tijdens de Ultra-Trail van Barcelona, waar hij na 50 km niet meer verder kon. Maar hier is het anders… hij wil verder, maar alleen en in zijn ritme. Ik neem dus afscheid van Rami, en vervolg mijn weg over de hoogvlakten richting het dal van Madriu. Ik loop veel en kom niet in mijn vertrouwde drafje, zelfs niet op de vlakkere stukken. De klim door het dal van Madriu tot de berghut Illa, waar het pad te oneffen is om een looppasje aan te houden, duurt ook lang. Ik voel me goed, maar door het vele lopen heb ik veel tijd verloren op het schema. Niet meer aan denken, maar gewoon doorgaan. In de berghut (Illa), waar niet veel ruimte is om te rusten, tank ik energie bij en vul ik mijn bidons. En hup, weer verder…de klim van 350 m tot Pic de Pessons… en dan afdalen tot Bordes d’Envalira.

De DNF.
Tot Pic de Pessons goed alles OK… ook al weet ik wel dat ik de tocht niet in de voorgenomen 24 uur ga voltooien, en het is ook wel duidelijk dat het wéér nachtwerk wordt. Het landschap is geweldig, met de meren, de bergpieken en het mooie weer. Maar bij de afdaling langs de 7 meertjes van Pessons gaat over rotsblokken en er kan dus ook hier niet gerend worden… lopen maar weer. Ik heb er nu meer dan 18 uur opzittern, waarbij ik een afstand van 70 km afgelegd heb en zo’n 6.000 m geklommen en 4.500 m gedaald ben… Maar tijdens de afdaling langs de meren van Pessons gaat het mis. Het zijn niet mijn knieeën, niet mijn bovenbenen, niet mijn kuiten… nee, een scheenbeen-spier van mijn linkerbeen raakt overbelast en begint raar op te zetten. Bij elke stap die ik zet komt er een stekende pijn opzetten, en steeds heftiger wordt. Ik probeer een ontspannen drafje aan te nemen, maar dat gaat hier niet zo goed in deze woestenij. Het terein dwingt me om te lopen, en dat doet juist het meeste pijn. Door het (te) vele lopen op de tocht raakt mijn scheenbeen-spier ontstoken. Terwijl ik een beetje houterig vooruit kom begin ik in de gaten te krijgen waardoor het bij mij verkeerd ging. Ik had waarschijnlijk genoeg getraind om een lange afstand al rennend te kunnen overbruggen… maar had in al deze maanden misschien gewoon te weinig gewandeld!!! Het klinkt lullig, maar de ‘wandelspier’ in het scheenbeen had ik ‘verwaarloosd’ tijdens de trainingen. De afdaling tot Bordes d’Envalira (76 km) wordt afzien. Er is in de 6 km tot de controlepost genoeg tijd om na te denken over wat me te doen staat… doorgaan, of stoppen? Doorgaan betekent dat ik de tocht misschien zou kunnen eindigen,…maar dan wel ergens heel laat in de nacht of vroeg in de ochtend, en ik zou dan hoogwaarschijnlijk ook een lelijke blessure overhouden, want het been voelt niet goed aan. Maar het zou ook mogelijk zijn dat ik ergens halverwege zou moeten stoppen. Er zijn te veel onzekerheden, en een te hoog risico om een blessure op te lopen… en waarvoor uiteindelijk? Ik had me de afgelopen 19 uren prima vermaakt in deze prachtige bergen. Maar ik had ook zin om de komende weken nog wat meer te kunnen rennen. Bij Bordes d’Envalira aangekomen stond mijn beslissing dan ook vast om mijn rugnummer in te leveren en er mee op te houden. Ze proberen me daar nog wel over te halen om een uurtje of langer uit te rusten, maar ik voel nu pas hoe moe ik eigenlijk ben, en hoe mijn been verstijft als ik een tijdje zit. Op 76 km met 7.100 m D+ is  het over voor Barend… een DNF.

Vanaf Bordes liep ik naar ik naar de bushalte met wat gemengde gevoelens.. het was mijn eerste DNF, maar toch besefde ik dat er verstandig aan gedaan had om te stoppen. Maar goed, toen ik in Ordino (de start-en-finish) aan kwam, na een dolle busrit vanaf Bordes d’Envalira (ik was tijden niet zo autoziek geweest!!!), moest ik wel even op mezelf inpraten, omdat het hier bij de Finish wemelde van trotse “Finishers” van allerlei trails. Om me te ‘troosten’ heb ik een biertje geproost op mezelf in het aangename familie-hotel. Ondertussen was Rami gewoon aan het volhouden. Hij zou de tocht in bijna 30 uur afleggen. Mijn scheenbeen is nog twee dagen opgezet gebleven, maar het was een overbelasting en heb er geen blessure aan overgehouden.

You lose you learn.
Door de ervaring tijdens de Mitic heb ik me wel voorgenomen om het “ren-gehalte” van trails waar ik aan mee wil doen voortaan beter te bestuderen… en de super-zwarebergtochten te laten voor wat ze zijn, want dat worden wandeltochten. Mijn doel is om te rennen door de bergen, dus is het voor mij verstandiger om; a) kortere-technische trails te kiezen (type bergmarathons), of b) ultra-trails aan te gaan met minder hoogtemeters en “beter” ren-terein. Dit jaar staan Rami en ik ingeschreven voor de Marathon van Andorra… en ook de “familie-trail” de dag er na.

Find your rhthym and enjoy your run.

Barend L. Van Drooge

Neem contact op

Verzenden..

© 2019 Trailrunning Europe - All rights reserved - Terms & conditions

or

Log in met je login gegevens

or    

Gegevens vergeten?

or

Create Account